De wraak van de geografie, Robert D. Kaplan

Reviewer: Tamara van Duijn

Robert D. Kaplan, De wraak van de geografie

Oorspronkelijke titel: The Revenge of Geography

Uitgeverij Unieboek | Het Spectrum, Houten 2012
ISBN: 978 90 00 30339 7

Paperback

416 pagina’s
€29, 99

De wraak van de geografie

In het voorwoord van ‘De wraak van de Geografie’ lezen we het volgende: ‘Door de oude kaarten, geografen en geopolitieke denkers uit het verleden te bestuderen, wil ik even dicht bij de aardbol van de 21e eeuw komen als bij de grenzen op het eind van de 20e eeuw. Want ook al kunnen wij satellieten naar de rand van het zonnestelsel sturen – en ook al kennen de financiële markten en cyberspace geen grenzen – de Hindu Kush vormt nog steeds een grens om rekening mee te houden.’(p. 9)
En zo introduceert Robert D. Kaplan het doel van zijn nieuwe boek, namelijk het plaatsen van de huidige wereld in een geografische en historische context. Landen die denken dat ze alles naar eigen hand kunnen zetten, houden zichzelf voor de gek, zo luidt de boodschap. Degenen die zijn eigen – geografische – beperkingen kent, betere uitkomsten heeft binnen de bepaalde grenzen.
Kaplan weet op een uiterst boeiende manier de lezer in zijn pleidooi voor de invloed van geografie te betrekken, die op zekere hoogte bepalend is voor de verdeling van staten in deze wereld. Zoals Kaplan terecht aangeeft in zijn voorwoord: een grens getrokken door de mens die niet samenvalt met een natuurlijke grens is moeilijk te handhaven. Wanneer we kijken naar de actuele situatie in de wereld, zoals in Syrië, kan ik niet ontkennen dat Kaplan een goed punt maakt in zijn pleidooi voor de geografie
In zijn boek neemt Kaplan ons mee op een reis langs verschillende academici die het belang van de geografie in het verleden hebben aangeduid. De eerste belangrijke geograaf die de revue passeert is Halford John Mackinder (1861-1947),  welke de grondlegger van het begrip Heartland is. Volgens Mackinder is degene die het ‘Hartland’, oftwel Eurazië, onder controle heeft, de kanshebber om de wereld te beheersen. Dit idee van Mackinder lijkt essentieël te zijn voor het idee achter het boek van Kaplan: volgens hem is het Hartland bepalend voor de indeling van de wereldkaart.
Het grootste gedeelte van zijn boek wordt dan dus ook beslagen door het Hartland van Mackinder. Kaplan behandelt onder andere Europa, Rusland, China, Iran, India en het Ottomaanse rijk voortbordurend op Mackinder en zijn tijdgenoten met elk hun eigen geopolitieke theorie. Hierin benadrukt Kaplan de voordelen van een landmacht met toegang tot de zee.
In het laatste hoofdstuk van het boek komt Kaplan uit bij de Verenigde Staten en behandelt haar positie in de huidige wereld. Het laatste hoofdstuk komt daarmee ook ietwat bevreemdend over. Daar waar Kaplan in het grootste gedeelte van zijn boek de wereld in een geografische en historische context zet, wordt in de hoofdstuk in zekere zin meer een advies aan de VS gegeven, met name voor haar toekomstige buitenlandse beleid.
Robert Kaplan schrijft in zijn boek overtuigend over het belang van de geografie voor de vorming van wereldmachten. Maar ondanks zijn overtuigende pleidooi voor de invloed van de geografie, voelt dit werk niet als een samenhangend geheel. Het komt meer over op de lezer als een een gebonden werk over verschillende landen die allemaal één ding gemeen hebben: de geografie bepaalt waar zij nu staan en kunnen staan in de toekomst. Wat dit werk eigenlijk mist is een goede conclusie, die alle losse hoofdstukken verbindt en de huidige wereld in een resumé in historische en geografische context zet.

Tamara van Duijn